Jij zou dus niet gaan?

 

Jij zou dus niet gaan? Echt even eerlijk: jij zou níet gaan? Als ze (wie ze ook mogen zijn) hier bommen gooien, huizen vernietigen? Als je broers, zussen, buren, vrienden hun bebloede kinderen ziet begraven? Dan zou jij niet gaan?

Jij zou dus blijven. In je gebombardeerde huis, rouwend om je familie, geen geld, geen werk en al helemaal geen uitzicht op beter. Met huilerige, hongerige kinderen, onder het stof. Smekende ogen. Geen idee of je ze nog een dag, een week of een maand in leven kunt houden.

Jij zou dus niet gaan. Daar waar een betere, maar vooral veiligere toekomst lonkt; daar zou jij nooit komen. Waar ze in glimmende auto’s rijden (alsof dat je ook maar iets zou interesseren). Nee: daar waar geen bommen zijn, geen bloed wordt vergoten. Daar zou jij niet zijn.

Ik hoop met heel mijn hart dat het niet en nooit hier komt; de uitzichtloosheid van een oorlog zoals in Syrië. Maar de kans is helaas niet eens heel klein. En ik weet wel: ik ging. Gelijk. Dan maar gelukszoeker. Dan maar gearresteerd, dan maar vernederd. Als er ook maar 1 procent kans zou zijn op een betere, veiligere toekomst voor mijn dochter, zou ik gaan. Ik zou hopen op een veilig welkom, en beter weten. Ik zou de doodswensen op de koop toe nemen. Ik zou mijn leven met liefde geven, zelfs. Voor haar. Ik zou gaan.

Jij niet. Dat mag. Maar, hey: je mag ook alsnog besluiten wel te gaan, hoor. Net zo hard op zoek naar geluk, naar gelukkiger, als de gelukszoekers die je nu doodwenst. Ik zal het niet verder vertellen, ik gun je gewoon dat je dat nooit hoeft mee te maken.

En gun hun geluk.

 

 

 

Categorieën: meer verhalen

5 reacties

Geef een reactie